"Stoomgemaal Loer" bemaalde de “Groevelandster Molenpolder” en de “Binnenlanden van Oostwold". De bijzonderheid is echter dat het gemaal weliswaar bekend staat als "Stoomgemaal Loer", maar dat het eigenlijk helemaal geen stoomgemaal is, en dat ook nooit geweest is.
Voor de afwatering van het Waterschap Groeven en Binnenlanden werd sinds 1850 een windmolen gebruikt. De afwatering geschiedde door bemaling op een in noordelijke richting lopende watering naar het Koediep. In 1912 werd besloten om voor windstille dagen in de molen een 40 pk sterke Brons dieselmotor (no: 511) te plaatsen. Toen begin 1915 een wiek van de molen afbrak besloot het bestuur om een geheel nieuw gemaalgebouw op de plaats van de molen te realiseren. Dit gemaal kwam in 1919 tot stand naar ontwerp van architect G. Kruizinga en was uitgerust met de bestaande Bronsmotor, die werd gekoppeld aan een horizontale schroefpomp van Stork Hengelo.
Het gemaal werd in 1967 buiten bedrijf gesteld, waarna de motor en pomp werden verwijderd. Deze installatie werd op een onderstel weer in elkaar gezet, waarna deze voor demonstraties dor het land werd gereden. Thans bevindt de installatie zich in de museale collectie van Meindert Koning. Het leegstaande gemaalgebouw heeft jarenlang dienst gedaan als garage en schuur. In de noordgevel bevindt zich een gevelsteen met de tekst 'gebouwd in het jaar 1919 Onder het bestuur D.K. Mensinga J. Struif R.F. Toren A. Botjes R.F. Brouwer'.
Het gemaal vormt een ensemble met het naastgelegen gemaal Feikens uit 1921 op nr. 10a.
Uitgebreid zoeken in de database