| Verhalen
Stoomgemaal
Halfweg oudste ter wereld
In 1852 de Haarlemmermeerpolder ontstaan.
Daarvoor was de Haarlemmermeer een meer. Met het leegmalen van
de Haarlemmermeer raakte Rijnland ongeveer tachtig procent van
de boezem kwijt. Om dat verlies te kunnen opvangen waren flinke
maatregelen nodig. Die kwamen er in de vorm van twee stoomgemalen.
Een bij Spaarndam en een bij Halfweg.
Door Erwin Albrecht
De
directe aanleiding voor de drooglegging van de Haarlemmermeer
waren twee stormen van orkaankracht die in het najaar van 1836
grote schade aanrichtten in de gebieden rond de Haarlemmermeer.
De eerste storm richtte grote schade aan in het gebied tussen
Amsterdam en het meer, bij Sloten en Osdorp. De tweede storm hield
flink huis aan de zuidwestkant. De lager gelegen delen van Leiden
kwamen hierbij onder water te staan.
Naast het spoor van vernieling dat deze twee stormen achterlieten
is er nog een reden waarom de Haarlemmermeer ingepolderd moest
worden. Het meer, dat niet voor niets de bijnaam ‘de Waterwolf’
droeg, kon door z’nonstuimigheid een bedreiging voor de
voedselvoorziening van de stad Amsterdam vormen. Als die in de
knoop kwam, zou dat tot onrust bij de stedelingen kunnen leiden.
En dat was iets waar men in de tijd van de prille eenwording van
de Staat der Nederlanden niet op zat te wachten.
Boezemverkleining
De drooglegging van ‘de Meer’ kostte Rijnland tachtig
procent van z’n boezem. Om er voor te zorgen het boezemstelsel
nog steeds op een adequate wijze het overtollige boezemwater kwijt
zou kunnen op het IJ waren drastische maatregelen nodig. Niet
alleen zou de boezem kleiner worden, daarbij kwam ook nog het
water dat uit de Haarlemmermeerpolder op de verkleinde boezem
werd uitgemalen. De derde factor die een rol speelde is het feit
dat in die tijd het lozen van boezemwater op zee alleen verliep
via natuurlijk verval. Dat wil zeggen via de sluizen bij Halfweg
en Spaarndam. Daardoor kon alleen water afgevoerd worden bij laagwater.
Om aan deze problemen tegemoet te komen bouwde Rijnland het eerste
stoomgemaal bij Spaarndam. Het gemaal in Spaarndam is in 1846
in gebruik genomen. Eigenlijk wilde Rijnland twee gemalen, maar
dat wilde de rijksoverheid niet betalen. Pas later, toen de minister
inzag dat het toch wel riskant afhankelijk te zijn van één
gemaal bij Spaarndam, besloot hij dat Rijnland een tweede gemaal
kon laten bouwen bij Halfweg.
Museum
Het
gemaal bij Halfweg werd met 100 pk een stuk kleiner dan het gemaal
in Spaarndam. Het ging draaien in 1853. In de periode tot 1977
zijn de ketels een aantal keren vervangen en ook de machine, in
1923. In 1977 verving Rijnland het gemaal door een volautomatisch
gemaal met vijzels en elektromotoren.
Het stoomgemaal is nu nog als museum in gebruik. Rijnland heeft
het gemaal voor één gulden aan de stichting Vrienden
Stoomgemaal Halfweg verkocht. Een aantal dagen in het jaar stoken
de vrijwilligers een van de ketels op en laten ze de machines
draaien, op dat moment is het gemaal het oudste nog werkende stoomgemaal
ter wereld. De andere ketel is opengewerkt, zodat goed te zien
is hoe de techniek van een stoommachine in elkaar zit. Ook tijdens
de draaidagen is het gemaal te bezichtigen. Op die dagen maakt
ook de kanobond er gebruik van: de kanoërs gebruiken de stroming
van het uitwateringskanaal om te trainen en wedstrijden te houden.
Voor meer informatie: www.stoomgemaalhalfweg.nl
|