| Verhalen
Museumgemaal Wilhelmina: een Schermer verhaal in kleur
Oranje in de Schermer
Ineens wapperde de Nederlandse vlag van de daken van de spiksplinternieuwe elektrische gemalen in de Schermer. Het is voorjaar 1929 als de polder in een klap overschakelt van wind naar stroom. Dat is reden voor feest. De bakstenen gebouwen langs de ringdijk stralen de moderne tijd uit: de Schermer wil dat laten zien. Ze zijn zo trots, dat ze de nieuwe gemalen een koninklijk tintje geven. Ze krijgen namen van het Koninklijk Huis: Emma bij Grootschermer, Wilhelmina bij Schermerhorn en Juliana bij Driehuizen. Het vierde gemaal, zo wordt wel gezegd, zou oorspronkelijk Prins Hendrik genoemd zijn , maar het naamloze poldergemaal onder de rook van de Omval bij Alkmaar staat in de buurt van de gelijknamige (voormalige) kaasfabriek aan de Westdijk. Wellicht de logische verklaring voor een naamsverwarring.
In de vergadering van dijkgraaf en heemraden van Waterschap De Schermeer op 19 februari 1927 valt voor het eerst de naam Emma, terwijl het daarvoor steeds gemaal II is genoemd. De proefbemaling vindt plaats op 8 februari 1927. Op 27 september 1928 volgt de eerste steenlegging van de gemaal Wilhelmina en Juliana. De proefbemaling van de ze gemalen volgt ruim twee jaar later. Namelijk in de maanden april en mei van 1929. In de polderarchieven is echter geen letter te vinden over een aanvraag voor het gebruik van de Koninklijke namen. Ook ontbreekt elk spoor van een officiële toestemming van het Koninklijk Huis. Een raadsel dat nog tot op de polderbodem uitgezocht moet worden!
Ook tijdens polderfeesten wordt het Koninklijk Huis niet vergeten. Tijdens het diner ter gelegenheid van het 325-jarig bestaan van “De Schermeer” in augustus 1958, staat er behalve gebraden kip, aardappelen, compôte en groenten, ook Koninginnesoep op het feestmenu. Dat allemaal onder het prachtige, vuurrode lakstempel met aartsengel Michaël: Schermeers beschermer.
Wit ontwerp
Het museumgemaal Wilhelmina is een van de drie elektrische hoofgemalen van de Schermer, die van 1928 tot en met 1995 de waterhuishouding regelden van de 5.000 hectare grote, 17de -eeuwse droogmakerij. Het gemaal is thans als museumgemaal ingericht.
Het gebouw, met dienstwoning, is een ontwerp van het ingenieursbureau W.C. en K. de Wit en staat in de traditie van de bouwstijl van de Amsterdamse School. Het draagt de kenmerken, in onder andere de raampartijen, van het zogenaamde horizontalisme zoals toegepast door de beroemde Amerikaanse architect Frank Lloyd Wright. Twee imposante centrifugaalpompen en bijbehorende elektromotoren, een vaste overzichtstentoonstelling met tekeningen en foto’s, en een levendige videopresentatie over de van het watertoneel verdwenen machinist maken het museumgemaal educatief compleet.
De Alkmaarse gebroeders Klaas (1818) en Willem Christiaan de Wit (1820) begonnen in 1870 te Amsterdam een ingenieursbureau voor poldertechniek en polderadviezen. Het bureau W.C. en K. de Wit groeide uit tot een ware consultancy in polderbemaling en bouwde meer dan 125 gemalen in binnen- en buitenland. De eerste opdracht was de bouw van een gemaal in de Gelderse Crobsche Uiterwaarden, daarna stroomden de opdrachten binnen. Al in 1871 maakten de gebroeders plannen voor vijf stoomgemalen in Noord-Holland: in de polders Het Grootslag, Schagerkogge en Wieringerwaard (drie). In 1928 is het bureau De Wit betrokken bij de bouw van de vier elektrische gemalen in de Schermer. De laatste opdracht dateert uit 1968. Daarna is van het bureau geen spoor meer te bekennen.
W.C. en K. de Wit stonden bekend om hun vakmanschap en hun technisch vernuft die zij wisten te combineren met esthetisch verantwoorde ontwerpen. Zij lieten een groot oeuvre aan poldermonumenten na, waarvan er nog veel in goede staat zijn te vinden. De teruggevonden ontwerpen en technische tekeningen zijn de afgelopen jaren in een beeldbank opgenomen en voor het publiek ontsloten via www.provincialeatlas-nh.nl. Een gelukkig initiatief van de Provinciale Atlas van de provincie Noord-Holland.
Gouden kroon
In 1998 aarzelt Kroonprins Willem-Alexander geen moment als hem gevraagd wordt de Schermer te bezoeken voor het in gebruik stellen van twee nieuwe, computer gestuurde gemalen. Deze worden de geldende Oranje traditie gemaal Beatrix (naast Wilhelmina) en gemaal Willem-Alexander (naast Juliana) gedoopt. Na een rustige vaartocht over de ringvaart, zet de Kroonprins ‘zijn‘ gemaal in werking in een woud van paraplu’s. Er is ondertussen een noodweer losgebarsten. Uit een inktzwart wolkendek gulp het regenwater de poldersloten in. Het water stijgt. Geen nood: de gemalen van Oranje staan hun mannetje en doen hun plicht. Ze pompen het surplus aan water weer de polder uit. Het lijkt wel of het waterschap een proefondervindelijke les in ‘droge voeten’ organiseert speciaal voor de Kroonprins, toen als nationale watermanager nog in opleiding.
|